De evolutietheorie

De evolutietheorie - Hoe werkt die nou eigenlijk?

De evolutieboom in mijn middelbare schoolklas had alleen betrekking op de macro-evolutionaire verbindingen tussen organische wezens. Maar tijdens mijn vlotte studie vond ik op zijn minst vijf andere fundamentele evolutionaire fasen die vereist zijn vóórdat er een mogelijkheid tot organisch leven bestaat. Sterker nog, binnen de theorie als geheel lijkt elke fase essentieel voor de volgende fase…

De eerste is “Kosmische Evolutie” – het idee dat ruimte, tijd, massa en energie op de een of andere manier “explodeerden” (of uitzetten) vanuit het niets in de plotse “Big Bang” die de geboorte van ons universum was. De tweede fase is “Stellaire Evolutie”. Aangezien de oerknal niets anders zou hebben geproduceerd dan Waterstof, Helium en een variëteit aan subatomaire deeltjes, moeten deze elementen op de een of andere manier gecondenseerd zijn tot sterren door een of ander evolutionair proces. De derde fase is “Chemische Evolutie”. Volgens de algemeen geaccepteerde gedachte zijn Waterstof en Helium (en mogelijk Lithium) de enige chemische elementen die door de “Big Bang” werden geproduceerd. Ten gevolge van de ongelooflijke hitte en druk in de sterren ontwikkelden deze elementen zich op een of andere manier tot de overige 88 natuurlijke chemische elementen die we vandaag de dag waarnemen.

De vierde fase is “Planetaire Evolutie”. Het wordt aangenomen dat de complexe chemische elementen die zich ontwikkelden in de oude sterren vervolgens werden uitgestoten, mogelijk op het moment van de gewelddadige dood van stellaire levenscycli, waarbij grote wolken met rondslingerende mengsels vrijkwamen. Op de een of andere manier vormden deze wolken van chemische elementen exact afgestemde zonnestelsels, inclusief ons eigen zonnestelsel. De vijfde fase is “Organische Evolutie” (ook bekend als “spontane generatie”). Deze theorie houdt in dat de planeet aarde begon als een gesmolten massa materie, enkele miljarden jaren geleden. Zij koelde vervolgens af en werd een vaste, droge brok gesteente. Daarna regende het miljoenen jaren lang op dat gesteente waardoor grote oceanen werden gevormd. Uiteindelijk kwam deze “prebiotische oersoep” (water + gesteente) tot leven en bracht de eerste zelfvoortplantende organische systemen voort.

Oké, ik had nu meer vragen dan ooit tevoren, maar ik had tenminste de basis van de zogenaamde evolutionaire boom bereikt. Dit is waar de zesde fase van de algemene evolutietheorie plaatsvindt – “Macro-evolutie”. Men denkt dat alle levende wezens een gemeenschappelijke voorouder delen: een relatief eenvoudig “simpel” eencellig organisme, dat evolueerde uit anorganisch materiaal (de zogenaamde “oersoep”). In essentie zijn vogels en bananen, vissen en bloemen allemaal genetisch aan elkaar gerelateerd. Oh, en we moeten er nog één toevoegen… de zevende en laatste fase van de theorie is “Micro-evolutie”. Micro-evolutie is de variatie en de variëteit aan eigenschappen die tot uiting komen binnen seksueel compatibele “soorten” van organismen. Voorbeelden zijn de variëteiten binnen de verschillende soorten paarden, honden, katten, etcetera. Deze “variatie binnen een soort” is wat Darwin waarnam in het midden van de 19e eeuw, en wat we vandaag de dag nog steeds waarnemen…

Oké, laten we dit samenvatten…

De evolutie theorie blijkt uit zeven verschillende en onderling gerelateerde fasen te bestaan, door de wetenschap in de volgende volgorde geplaatst:

Kosmische EvolutieDe ontwikkeling van tijd, ruimte, massa en energie uit het niets
Stellaire EvolutieDe ontwikkeling van complexe sterren uit de chaotische eerste elementen
Chemische EvolutieDe ontwikkeling van alle chemische elementen uit de oorspronkelijke twee elementen
Planetaire EvolutieDe ontwikkeling van planetaire systemen uit rondwervelende elementen
Organische EvolutieDe ontwikkeling van organisch leven uit anorganisch materiaal (gesteente)
Macro-evolutieDe ontwikkeling van een levensvorm uit een totaal andere levensvorm
Micro-evolutieDe ontwikkeling van variaties binnen een levensvorm

Het is interessant dat de wetenschappelijke boeken en de televisiedocumentaires verklaren dat alleen de 7e fase – micro-evolutie – is waargenomen en gedocumenteerd. De eerste zes fasen van evolutie zijn slechts aannames... Maar dat is oké: is het niet logisch om micro-evolutionaire waarnemingen te gebruiken om de puzzelstukken in elkaar te passen in in de andere vereiste fasen van evolutie?

Wacht. Waar kwam dit in eerste instantie allemaal vandaan? Begon dit echt allemaal met Darwin? Is dit allemaal in Darwins boek? Heb ik dat boek wel gelezen?Iedereen beweert Darwins “Origins of Species” (“Het ontstaan van soorten”) te hebben gelezen, maar hoevelen van ons hebben dit ook daadwerkelijk gedaan? Darwinistische evolutie werd in mijn middelbare school biologieles gepresenteerd als zo’n vaststaand feit, dat er gewoonweg geen reden was om een stap terug te doen en het originele theoretische betoog te lezen…

Maar dat was toen – en dit is nu. Ik besloot om voor mezelf Darwins boek te lezen…

Volgende pagina!